Category Archive Blog

Bekentenissen van een kabelsleper (10)

Aflevering 10: Rillen bij Mercedes Sosa

Het jaar ben ik kwijt, evenals de exacte datum. Het was waarschijnlijk op 21 februari, de avond voor mijn verjaardag of op mijn verjaardag zelf: 22 februari. Ik was wel meer kwijt die avond, want ik had ruim 39 graden koorts. Ik weet nog wel dat Sonja Barend tijdens de voorbespreking mandarijntjes naar me gooide omdat ik er zo grauw uitzag.

De opnames van Sonja op… (de datum veranderde ieder seizoen: maandag, dinsdag, vrijdag) vonden in die tijd plaats in theater de Meervaart in Amsterdam. Ik mocht die uitzending als kabelsleper vaker doen, dus het was een routineklusje. Vandaar dat ik, ondanks mijn hoge koorts, er niet aan dacht om ziek naar huis te gaan.

Mercedes Sosa
Ik rilde, ik zweette en hoopte maar dat de avond snel voorbij zou gaan en ik in mijn lekkere warme bedje kon rollen.
Mercedes Sosa zou optreden. Ik had nog nooit van deze artiest gehoord. Sonja vertelde dat het een zangeres was die de dictatuur in Argentinië was ontvlucht. Ik nam het ter kennisgeving aan.

Dirk-tas
De talkshow vorderde en Mercedes Sosa schuifelde het podium op, nam plaats op een stoel. Een vrouw die je eerder met een Dirk-tas op de markt verwacht, dan op het podium van een theater.
Nadat ze was aangekondigd begon ze te zingen. Nee, niet zomaar te zingen. Hartverscheurend te zingen. Het was alsof ik door zeven blikseminslagen tegelijk werd geraakt. Was ik aan het ijlen, had ik een delirium? Haar stem sneed door mijn ziel, zette alle luikjes van mijn emoties open. Rillingen over mijn rug, kippenvel op mijn armen. Na de muzikale intermezzo ging de talkshow verder. Het zal best boeiend zijn geweest, Sonja wist wel hoe ze een publiek om haar vinger kon winden. Aan de zijkant strompelde Mercedes Sosa het kleine podium af. Ze leek wel 100.

Mercedes Sosa

Aftershow
Na afloop van de live-show gaf Mercedes Sosa nog een mini-concertje. De mobiele camera maakte shots uit kikkerperspectief, dus ik lag – letterlijk – aan haar voeten óp het podium. Zo kreeg Mercedes Sosa de kans om de ziel van een zieke jongeman, op twee meter afstand liggend op de grond, uit zijn lijf te rukken. Om zijn hart te doorboren met hoorbare pijn, voelbare smart. Het concertje duurde waarschijnlijk 20 minuten, maar misschien wel een eeuwigheid. Ik voelde geen koorts meer, ik zweefde ergens in de melkweg met tranen over mijn wangen.
Ik hoopte alleen maar dat Mercedes Sosa nooit meer zou stoppen met zingen. Dat ze met haar stem zou begeleiden naar de hemel en voor altijd door zou blijven zingen.
Misschien doet ze dat ook wel.
Mercedes Sosa overleed op 4 oktober 2009.

Tags, , , , , , , ,

Stop de pers?

‘Als de pers nu eens stopte met de berichtgeving over die rellen, dan kreeg dat tuig geen aandacht en was het snel afgelopen’
Deze, en soortgelijke, opmerkingen stonden maandagavond op de Facebook-tijdlijn van onze krant toen onze razende reporter verslag deed van de gebeurtenissen in het centrum van Stad. Politieauto’s togen naar het Stadhuisplein, bij het station reed een ME-busje en de GGD-teststraat werd beschermd. Jongeren verzamelden zich, staken vuurwerk af maar tot een escalatie kwam het uiteindelijk gelukkig niet.
We deden daar bijna live verslag van en lieten rond 21 uur weten dat de rust was wedergekeerd.

Ik ben journalist. De opmerking zoals hierboven omschreven maakt me niet boos (daar moet wel wat meer voor gebeuren na ruim 30 jaar journalistiek) maar wekt wel mijn oprechte verbazing.
Geen verslag meer doen? Denk even na: iedereen die in de buurt van het centrum woont ziet sirenes, hoort vuurwerk, is verontwaardigd. En dan zouden wij journalisten onze ogen moeten sluiten en de vingers in de oren moeten doen?

Nee, de pers moet ontzettend aanwezig zijn. Juist de ogen en de oren wijd openhouden. Er is iets gaande in dit land en dan moet je niet wegkijken. Júist niet wegkijken, maar signaleren.
De feiten brengen, ook al zijn ze niet plezierig. Laat er ophef over ontstaan en laat het gezonde verstand zegevieren. En onderneem vervolgens actie om dit te voorkomen.
Spreek die jongeren aan, straf ze als ze te ver gaan met hun protest.
Zijn ze erg jong? Neem contact op met de ouders.
Maar geef alsjeblieft niet de pers de schuld.

Tags, , , ,

Bekentenissen van een kabelsleper (9)

Voor l*l staan met een kabel in mijn hand

In aflevering 3 van deze serie ‘bekentenissen’ schreef ik hoe ik als kabelsleper de cameraman met zijn schoudercamera liet vallen tijdens een live-uitzending. Een blunder. Mijn grootste afgang was echter bij de opnamen van een clipje voor de sexy meidengroep Centerfold die half naakt in de studio stonden.

‘We krijgen vandaag een playboy-act’, zei regisseur Bert van der Veer toen hij de cameraploeg instrueerde over de acts die die dag voor Toppop moesten worden opgenomen. Als kabelsleper schoof ik aan bij het overleg. Van der Veer wilde een erotisch clipje maken bij hun hit Bad Boy. Centerfold was een erotische meidengroep, bestaande uit drie dames met adembenemende lichaamsvormen.
In de studio was een metalen brug opgebouwd. De meiden zouden daarop gaan staan, gekleed in lange regenjassen. Op enig moment zouden ze die jassen uittrekken en zich snel poedelnaakt van de camera wegdraaien. De televisiekijker zou dan een halve seconde de glooiing van een borst kunnen zien. Het was de AVRO, het moest wel netjes blijven.
De vaste camera’s bleven op afstand, de mobiele camera stond bij de bloedmooie dames op de brug. Met Marcel Beijer ernaast.

Brandweerlieden
Toen het camerateam de studio binnenliep zag de lichtvloer, op zo’n drie meter boven de grond, zwart van de brandweerlieden. Het nieuws dat er drie blote pinup-girls in de studio te zien waren, was kennelijk rondgegaan als een lopend vuurtje. Dat betekent brandgevaar, dus tientallen brandweermannen stonden paraat.
De drie meiden kwamen de studio binnen en begonnen aan hun act. Zoals afgesproken lieten ze op het juiste moment hun regenjassen zakken en zag ik op één meter afstand de mooiste blote lichamen die ik ooit had gezien. Ik was 23, de testosteron gierde door mijn lijf.
Ook bij de cameraman die ik assisteerde: ‘pffff, dit zijn tropendagen voor een hetero’, fluisterde hij me grinnikend toe.

Opnieuw
De opname moest een aantal keer opnieuw. Soms vielen de regenjassen niet synchroon naar beneden, soms zag je net even teveel van een blote borst. Tijdens een van de onderbrekingen gaf regisseur Van de Veer via ‘oortjes’ instructies aan de cameraman van de mobiele camera. Alhoewel ik pal achter de cameraman stond, kon de instructies niet horen. Ik wachtte geduldig af, starend naar die blote prachtlichamen van de drie stoeipoezen. Zo dichtbij, maar tegelijk ook zo ver weg.
Ik was niet de enige die zwijgend staarde. Ook de brandweermannen, daarboven op die vloer, waren muisstil. Misschien wel jaloers dat ik zo dichtbij de Centerfold-dames mocht staan.
Maar ik was onzeker en probeerde me zo stoer mogelijk een houding te geven. Dat viel lang niet mee.

Mannenduim
Eén van de dames voelde kennelijk aan dat niet zij, in haar blootje, zich ongemakkelijk voelde, maar die jongeman van Beijer op een meter afstand in zijn veel te strakke spijkerbroek. Ter hoogte van mijn kruis hield ik de camerakabel vast, die ongeveer zo dik was als…. nou ja, laat ik voor de veiligheid een mannenduim als voorbeeld nemen.
“Het voelt zeker wel fijn om je kabeltje nu vast te mogen houden” zei ze minzaam lachend, terwijl ze naar mijn kruis wees.
Ze zei het niet zachtjes, maar hardop, héél érg hardop. Véél te hardop.
Dat werd snel duidelijk omdat de stilte in de studio doorbroken werd door het lachende gebulder van de talloze brandweermannen. Die prompt van een boze Bert van der Veer daarop de studio moesten verlaten.
Ik mocht blijven, in al mijn onzekerheid.
Vernederd door schaamteloze schoonheid van een centerfold.

Hieronder het bewuste clipje:

Tags, , , , , , ,

Bekentenissen van een kabelsleper (8)

Kerst in Ahoy’

Een aantal afleveringen geleden maakte ik je deelgenoot van mijn doodsangsten in de nok van theater Carré. De kerstshow in Ahoy in 1983 (kan ook 1984 zijn geweest) deed daar niet veel voor onder.
Het was een traditionele kerstuitzending die de omroep de kijker voorschotelde: een combinatie van artiesten en circusacts.

Ik herinner me een baldadige Joop Doderer die niet zo gemotiveerd meedeed aan de repetities en het de regisseur onmogelijk maakte serieus te werken. ‘Swiebertje’ playbackte met drie andere BN’ers (gek, ik kan me totaal niet herinneren wie die andere drie waren) het liedje ‘Jingle Bells’ en trok daarbij zijn rode kerstmuts volledig over zijn hoofd.
‘Kan die Doderer niet even normaal doen?’ schreeuwde de regisseur in onze ‘oortjes’. ‘We zijn hier serieus aan het repeteren’.
Pas na drie keer greep de floormanager in en maande Doderer, toch een jeugdheld van me, tot serieuze arbeid aan.

Circusacts
De circusacts werden niet gerepeteerd. Althans: we repeteerden ‘droog’ de posities waar de cameramensen moesten staan tijdens de acts. De acrobaten zelf traden alleen op tijdens de live-uitzending. De uitzending verliep voorspoedig totdat de acrobaten hun act opvoerden. Ze beklommen twintig meter hoge, dunne, palen waar bovenop een soort ring bevestigd was. Daarop voerden ze acrobatische stunts uit die de palen alle kanten op deden zwiepen. Onderaan de palen zaten de cameraman en ik om de artiesten vanuit kikkerperspectief te filmen.

Acrobaten aan de paal

Hoog boven mijn hoofd zag ik de acrobaten – zonder lifeline! – halsbrekende toeren uithalen.
Totdat… de acrobaten de palen richting elkaar zwiepten om van paal te wisselen. Dat ging mis. Eén van de twee – precies boven mijn hoofd – greep mis. In een uiterste poging wist de man zich aan zijn vingertoppen vast te grijpen aan de ring. Zijn kameraad – zwiepend aan de de andere paal – probeerde hem naar boven te trekken.
Het publiek in Ahoy hield de adem in. Hier ging duidelijk iets mis. En als die arme kerel zou vallen, zou die precies op mijn hoofd landen.

Doodsnood
‘Help!’, riep de acrobaat in doodsnood. ‘Please help. I’m falling!’. Zijn ijselijke kreten gingen door merg en been.
Op het laatste moment trok zijn kameraad de ongelukkige artiest aan één arm omhoog. De twee mannen omhelsden elkaar en gingen toen – zichtbaar onzeker – met bibberende knietjes verder met hun idioot gevaarlijke act.
‘Die lui zijn gek!’, brulde de cameraman over zijn schouder in mijn richting. De angst stond in zijn ogen.
Ik kon niet reageren. Mijn keel was dichtgeknepen van angst en woede om zoveel waaghalzerij.
Het leek een eeuwigheid te duren voordat de twee waaghalzen hun act hadden afgerond zonder verdere brokken te maken. Via de palen daalden ze weer af naar de begane grond.
‘Everything okay?’ vroeg ik aan de man die zojuist aan de dood ontsnapt was.
Hij gaf me een knipoog.
‘It’s all part of the act, man.’

Tags, , , , , , , , , , , ,

Esplanade

Toen ik voor het eerst de plannen voor de huidige Esplanade onder ogen kreeg, moest ik denken aan het Golden Gatepark. Goed, dat is ettelijke malen groter dan ons stadsplein aan het Weerwater, maar met die brede stroken asfalt tussen het groen was het stadspark van San Francisco mijn eerste associatie. Het park was in 1967 het centrum van de ‘Summer of Love‘. Hippies liepen er half naakt rond, rookten er pretsigaretten en vreeën zonder schaamte in groepsverband in het gras.
De eerste keer dat ik het Golden Gate Park bezocht was op een zondagmiddag in 1995 en was het park het decor van keurige gezinnen die in het gras picknickten en werden de asfaltstroken benut door jongeren die, dansend op het geluid van beatboxen, ook erg hip waren.

NRC
Kwaliteitskrant NRC maakte vorige week gehakt van de Esplanade. Ze beschreven het plein in een recensie, een oordeel dus, in de rubriek Beeldende Kunst. Grappig geschreven, zeker. Maar een beetje flauw is het wel. Het is het framen van Almere als saaie en suffe slaapstad, zoals je dat eind vorige eeuw vaak zag gebeuren. Kijk ook maar goed naar de foto’s die NRC bij de recensie plaatst: de bomen op het plein zijn bewust buiten beeld gelaten, het asfalt glimt van de regen en ik verdenk de afdeling ‘beeldbewerking’ ervan dat ze wolken boven de gebouwen wat donkerder hebben gemaakt: op het gebouw zelf reflecteert het zonlicht namelijk in de ramen.

Flauw
Bovendien is het flauw omdat de Esplanade nog niet geheel voltooid is. Smaken verschillen, dat is waar, maar laten we eerst eens afwachten hoe de Esplanade wordt benut als corona voorbij is, als er weer meer mensen op straat zijn en het zonnetje gaat schijnen.
In het najaar (voor de tweede golf aanbrak) kon je al zien dat het plein drukker bevolkt was dan vroeger. En dan kan het zomaar zijn dat de Esplanade bevolkt wordt door snackende mensen in het gras, rollerskatende jongeren op het asfalt en misschien breekt er, na de corona-beperkingen, wel weer een zomer aan waarin iedereen uitbundig van de herwonnen vrijheid geniet. En brekt een Summer of Love aan. Zal de NRC dan het lef hebben om terug te komen?

Golden Gate Park in de Summer of Love

Tags, , , , , , , ,

Bekentenissen van een kabelsleper (7)

Lee Towers is gewoon Leen Huizer

Voorjaar, 1976 schat ik. Tussen de flesjes parfum en poederdoosjes van de cosmetica-afdeling van V&D stond hij in levende lijve: zanger Lee Towers. Hij was toen net doorgebroken met zijn You’ll Never Walk Alone en had dit soort eenzame schnabbels kennelijk nog nodig.
De winkelende Hilversummers hadden geen oog voor de zanger, ze liepen hem straal voorbij. Alleen mijn broertje Karsten en ik bleven van begin tot eind luisteren. Een half uurtje duurde het.
‘Zo mannen, vonden jullie het mooi?’, vroeg Lee.
Wij knikten.

Lee Towers in 1976

‘Dank jullie wel, ik ben blij met zulke fans’.
We kregen een knipoog en een portretfoto, voorzien van zijn handtekening. Die hing ik die avond, als een relikwie, boven mijn bed.

Toppop
Zes jaar later kwam ik Lee opnieuw tegen. Hij kwam naar de Toppop-studio in Hilversum om zijn hit I Can See Clearly Now zingen.
In de lange gang naar de studio liepen we elkaar van verre tegemoet en wist ik me niet goed een houding te geven toen we elkaar passeerden.
Lee wel.
“Hoi, ik ben Leen”, zei Lee en stak zijn hand naar me uit.
Ik schudde zijn hand en stelde me voor.
“Werk je hier?”
“Ja, ik ben kapelsleper. Ik ben op weg naar de studio.”
“Gaaf baantje lijkt me dat. Doe je het al lang?”
“Anderhalf jaar of zo. Leuk baantje, ja. Ik heb het geluk dat ik in Hilversum woon, vlakbij de studio’s.”
“Top, ik ga even naar de WC en dan kom ik ook naar de studio.”
Na afloop van de opnames schudde hij me nogmaals de hand. “Dankjewel voor je hulp.”

Gek
Gek eigenlijk dat ik me verbaasde dat deze Lee Towers gewoon Leen Huizer was: een geschikte kerel die zonder enige kapsones zichzelf aan een kabelsleper voorstelde en bedankte. Dat was in die anderhalf jaar nooit eerder gebeurd.
We kwamen elkaar in die tijd daarna uiteraard nog wel vaker tegen en dan was er altijd een blik van herkenning.
Inmiddels is de laatste ontmoeting al zo’n 35 jaar geleden. Hij zal mij nu niet meer herkennen, ik hem wel, uiteraard.
Ik zie hem op tv nog wel eens staan zingen op de middencirkel van het Feyenoord-stadion.
Leen is een Feyenoord-fan.
Tja, niet iedereen kan perfect zijn.
Maar wel sympathiek.

Lee Towers in de Kuip



Tags, , , , , , ,

Bekentenissen van een kabelsleper (6)

Een bomvol Carré…

Ik weet nog heel goed dat ik mezelf er toe moest zetten. Maar ik raapte mijn moed bij elkaar en dééd het. Met bonkend hart. Gedreven door de gedachte dat ik ooit tegen mijn kinderen zou kunnen zeggen dat ik solo voor een bomvol theater Carré had gestaan.
Ik was 22, had nog geen relatie met mijn huidige vrouw en dácht nog niet eens aan kinderen. Maar toch… ik deed het voor mijn kinderen.

Aanvallen van uitersten
Het was 1983 en de VPRO had tijdens het Holland Festival een aantal zondagen Carré afgehuurd voor een cultureel programma onder de titel ‘Aanvallen van uitersten’.
Nou… uitersten waren het. Sommige optredens waren zo volslagen maf dat geen hond er iets van begreep. Zo liet kunstenaar Harrie de Kroon een knikker op het podium vallen. Bijzonder… Bij een ander optreden liet kunstenares Wencke Mühleisen haar rood geverfde geslachtsdeel aan het publiek zien. Net zo lang tot het publiek haar begon uit te joelen. De diepere betekenis van deze act ontging werkelijk iedereen en de VPRO besloot de scène uiteindelijk maar niet uit te zenden. De dirigent van het NOS Omroeporkest beende woedend het toneel af na een maffe versie van een Wagner-aria van Moniek Toebosch in haar blote billen.

Gratis naar binnen
De voorstellingen waren zo idioot wereldvreemd dat er nauwelijks publieke belangstelling voor was. De VPRO besloot daarom de mensen dan maar gratis naar binnen te laten. Een leeg Carré doet het immers op tv niet zo goed. De actie had resultaat. Voor veel mensen was het dé kans om Carré een keertje van binnen te zien.
Het was tien minuten voordat de voorstelling begon. Ik stond bij de mobiele camera. De cameraman was even een kleine boodschap doen. Tussen mij en het bomvolle theater hing slechts het rode toneeldoek.

Doet ‘ie het doet ‘ie het niet?
Ik twijfelde: zal ik het doen of zal ik het niet doen? Toen dacht ik aan mijn virtuele kinderen, schoof het rode doek opzij en stond in mijn uppie op het toneel van een bomvol Carré. Zo hadden de groten der aarde hier ook gestaan: Sammy Davis jr. , Michael Jackson, Toon Hermans, André van Duin, Herman van Veen, Freek de Jonge, Snip & Snap…
Ondanks mijn trillende ledematen had ik de moed om enige tijd te blijven staan en de zaal in mij op te nemen. Een paar grapjassen, ergens bovenin het theater, begonnen te applaudisseren.
Toen durfde ik niet langer te blijven staan. Ik dook weer weg achter het grote gordijn en vertel nu aan mijn kinderen – meestal na een paar borreltjes – dat hun vader solo voor een bomvol Carré heeft gestaan.
“Nee pap, niet wéér dat verhaal…”, zuchten ze dan…

Marco Borsato stond ook voor een vol Carré (Foto: Kippa)

Tags, , , , , , , , , , , , ,

Gezagscrisis

Nederland gaat gebukt onder de coronacrisis, maar volgens mij nog veel meer onder een gezagscrisis.
De coronamaatregelen moeten helaas worden aangescherpt, maar feestende aso’s in een partytent in Den Haag vieren nog even lekker feest voordat de horeca dicht gaat. Agressievelingen rammen een buschauffeur of winkelmedewerker voor zijn kop omdat gevraagd is of ze een mondkapje willen opzetten. Andere egoïsten hebben domweg schijt aan de gezondheid van een ander, als zij maar lekker hun gang kunnen gaan: ‘dood gaan we toch een keertje’.

Covidioten
En dan zijn er nog de mafkezen (‘Covidioten’ worden ze genoemd) die blijven volhouden dat corona slechts ‘een griepje’ is of een sinister plan van Bill Gates of de Bilderberggroep. Of stellig dingen beweren die gewoon niet kloppen. En ze pakken allemaal hun platform op de social media, waar andere gekkies ze belonen met duimpjes omhoog of hartjes.

Leren accepteren
Niemand geniet van de coronamaatregelen en ja, sommige maatregelen zijn oneerlijk. Maar waarom is het zo moeilijk om te leren accepteren?
De gezagscrisis is vele malen agressiever en kwalijker dan het coronavirus. Het leidt tot onbegrip, polarisatie, woede en wellicht geweld. Journalisten die objectief proberen verslag te doen, worden bedreigd.

Excessen
Natuurlijk, dat zijn excessen. Maar laten we ook naar onszelf kijken. Zoeken we zelf ook niet naar de reden waarom wij ons niet aan een maatregel hoeven te houden?
Ja, we hebben wel geluisterd naar de nieuwe maatregelen, maar we horen niet wat er gezegd is.

Tags, , , , , , ,

famke louise en diederik gommers

Respect voor Famke Louise

Ik heb vorige week een pittige column geschreven over Famke Louise en haar onbezonnen actie #ikdoenietmeermee waarbij ze niet meer wilde meedoen aan de corona-maatregelen.
Sommige mensen vonden mijn column flauw. Iedere columnist viel het meisje aan, waarom ik dan ook nog?
Nou, simpel: Famke Louise is Almeerse. Ze is één van ons en misschien leest ze de column wel als ze na een optreden in de bank ploft, of vult ze haar kattenbak ermee. (ik hoor trouwens heel vaak dat mijn column uitermate geschikt is als kattenbakvulling – ik zou er geld voor moeten vragen).

Diederik Gommers
Woensdag was Famke Louise te gast bij Diederik Gommers, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC), die de moeite nam haar bij te praten over de keiharde feiten van het coronavirus. Niemand is blij met de maatregelen, maar soms is er even geen keuze. Nog even doorbijten, hopelijk komt er snel een vaccin.
Ik neem aan dat onze beroemde vlogster goed geluisterd heeft naar Gommers. In ieder geval vind ik het heel stoer dat ze – na alle kritiek – die stap heeft genomen.

Flapdrol Willem Engel
Dat geeft aan dat ze misschien té snel geluisterd heeft naar flapdrollen als Willem Engel en de C-artiesten die deze malloot van ‘viruswaarheid’ volgen.
Famke Louise bewijst met deze actie dat ik haar onterecht druiloor noemde. Famke Louise is geen C-artiest.
Ze is top!

Tags, , , , , , , ,

Bekentenissen van een kabelsleper (5)

Deel 5: de populaire zanger

De beroemde en populaire zanger was dronken en stoned. Ik ga zijn naam niet noemen en ook niet de exacte locatie, want de zanger is nog steeds actief. Ik zeg ook niet of het een solo-zanger betrof, of de lead-zanger van een groep. Want dat zou hem herkenbaar maken. En er ontstaat geen fraai beeld van hem in deze aflevering in de serie ‘bekentenissen’.

Ik kan wel aangeven dat we een muziekprogramma opnamen, ergens in het noorden van het land rond 1980. Een van de optredende artiesten was deze bekende zanger die (naar later bleek) toen al over zijn hoogtepunt heen was.

Na afloop van de repetities zaten we met de crew en een aantal artiesten nog wat te borrelen in een soort keet. Het werd laat en één voor één taaiden mijn collega’s af. Toen ook ik mijn hotelkamer opzocht, zo’n beetje aan de overkant van de straat, merkte ik dat ik mijn portemonnee had laten liggen in de keet. In liep terug en trof de zanger eenzaam aan, bij de bar.
Dronken en stoned.
Hij bood me nog een biertje aan. Ik twijfelde, maar een stemmetje in mij zei me om op het aanbod in te gaan. Dat was niet voor niets, zo bleek.

Moordkuil
De zanger maakte van zijn hart geen moordkuil. Hij vertelde hoe de roem hem kapot had gemaakt: managers die op één avond soms wel tien optredens voor hem boekten. Hij kon daar weinig tegenin brengen: er waren vette contracten afgesloten. Goed, daar werd deze zanger zelf ook niet armer van, maar het waren vooral zijn managers die het grote geld hadden binnengesleept. Over zijn rug.
Hij stond naast zijn barkruk, te waggelen op zijn benen. Ik vroeg of hij niet beter kon gaan slapen. Dat vond hij ook en bestelde vervolgens nog twee drankjes: een biertje voor mij, een dubbele whisky voor hem.

Nieuwe eisen
De zanger was niet dom. Hij eiste destijds een nieuwe manager. Maar die bleek gewoon een vriend van de eerste. Hij was gesloopt, gebroken. En wie eenmaal aan roem gewend is kan maar moeilijk begrijpen dat de gloriedagen voorbij zijn. Geen gillende meisjes voor zijn hotelkamer, geen gratis etentjes.
Het leed verzachtte met drank en drugs.
‘Vind jij mij een goede zanger?’, vroeg hij. Ik zag zijn waterige ogen vol tranen lopen.
‘Absoluut’, loog ik. ‘En ik denk dat je heel veel mensen blij hebt gemaakt met jouw liedjes. Maar ik denk dat we zo langzaamaan maar naar het hotel moeten gaan.’

Vriend
Hij knikte, liet zijn whisky op de bar staan en probeerde met me mee te lopen. Dat ging niet meer. Zijn benen zwabberden onder zijn lijf. Ik legde zijn arm om mijn schouders en sleepte hem naar het hotel. Bij zijn kamer wachtte ik tot hij de deur had opengekregen.
‘Jij bent mijn vriend, jij luistert tenminste’, zei hij met dubbele tong voordat hij zijn kamerdeur sloot.
De volgende dag trad hij gewoon op, stralend lachend in de camera’s.
Hij herkende me niet meer.

Tags, , , , , , ,