Imago

Imago

‘Wat is ASG?’, vraagt de man aan de bar in de saloon.
Ik verblijf twee weken in een klein woestijndorpje om aan mijn tweede roman te beginnen.
In de wijde omtrek van het dorpje gebeurt helemaal niks.
Alleen afgelopen weekend was er een feest. De desert flowers staan in bloei enn dat is zo’n beetje het hoogtepunt van het jaar.
Ik vertel de man dat de grote leegte in zijn dorpje me doet denken aan de tijd dat mijn ouders me meenamen naar de nieuwe stad Almere: een zandvlakte met hooguit honderd huizen.
En dat we nu op diezelfde plek onder de zeespiegel met 204.000 mensen wonen.
‘Een wonder!’, zegt de man vol ongeloof. ‘Alle Nederlanders zullen trots op Almere zijn’.
Ik schud mijn hoofd: ‘We hebben een imagoprobleem’
‘Hoe kan dat – wie zegt dat?”
‘Een bestuurslid van de ASG’
‘Wat is ASG?’
‘Ze geven onderwijs aan bijna alle Almeerse kinderen’
De man schudt zijn hoofd. ‘Hoe kunnen ze het goede voorbeeld geven? Laat ze liever de kinderen respect bijbrengen voor jullie stad.’
Hij sloft de saloon uit, terug de woestijn in.
Morgen probeer ik hem wel uit te leggen dat er een middeleeuws kasteel in Almere staat.

Comments are closed