Tag Archive carré

Bekentenissen van een kabelsleper (8)

Kerst in Ahoy’

Een aantal afleveringen geleden maakte ik je deelgenoot van mijn doodsangsten in de nok van theater Carré. De kerstshow in Ahoy in 1983 (kan ook 1984 zijn geweest) deed daar niet veel voor onder.
Het was een traditionele kerstuitzending die de omroep de kijker voorschotelde: een combinatie van artiesten en circusacts.

Ik herinner me een baldadige Joop Doderer die niet zo gemotiveerd meedeed aan de repetities en het de regisseur onmogelijk maakte serieus te werken. ‘Swiebertje’ playbackte met drie andere BN’ers (gek, ik kan me totaal niet herinneren wie die andere drie waren) het liedje ‘Jingle Bells’ en trok daarbij zijn rode kerstmuts volledig over zijn hoofd.
‘Kan die Doderer niet even normaal doen?’ schreeuwde de regisseur in onze ‘oortjes’. ‘We zijn hier serieus aan het repeteren’.
Pas na drie keer greep de floormanager in en maande Doderer, toch een jeugdheld van me, tot serieuze arbeid aan.

Circusacts
De circusacts werden niet gerepeteerd. Althans: we repeteerden ‘droog’ de posities waar de cameramensen moesten staan tijdens de acts. De acrobaten zelf traden alleen op tijdens de live-uitzending. De uitzending verliep voorspoedig totdat de acrobaten hun act opvoerden. Ze beklommen twintig meter hoge, dunne, palen waar bovenop een soort ring bevestigd was. Daarop voerden ze acrobatische stunts uit die de palen alle kanten op deden zwiepen. Onderaan de palen zaten de cameraman en ik om de artiesten vanuit kikkerperspectief te filmen.

Acrobaten aan de paal

Hoog boven mijn hoofd zag ik de acrobaten – zonder lifeline! – halsbrekende toeren uithalen.
Totdat… de acrobaten de palen richting elkaar zwiepten om van paal te wisselen. Dat ging mis. Eén van de twee – precies boven mijn hoofd – greep mis. In een uiterste poging wist de man zich aan zijn vingertoppen vast te grijpen aan de ring. Zijn kameraad – zwiepend aan de de andere paal – probeerde hem naar boven te trekken.
Het publiek in Ahoy hield de adem in. Hier ging duidelijk iets mis. En als die arme kerel zou vallen, zou die precies op mijn hoofd landen.

Doodsnood
‘Help!’, riep de acrobaat in doodsnood. ‘Please help. I’m falling!’. Zijn ijselijke kreten gingen door merg en been.
Op het laatste moment trok zijn kameraad de ongelukkige artiest aan één arm omhoog. De twee mannen omhelsden elkaar en gingen toen – zichtbaar onzeker – met bibberende knietjes verder met hun idioot gevaarlijke act.
‘Die lui zijn gek!’, brulde de cameraman over zijn schouder in mijn richting. De angst stond in zijn ogen.
Ik kon niet reageren. Mijn keel was dichtgeknepen van angst en woede om zoveel waaghalzerij.
Het leek een eeuwigheid te duren voordat de twee waaghalzen hun act hadden afgerond zonder verdere brokken te maken. Via de palen daalden ze weer af naar de begane grond.
‘Everything okay?’ vroeg ik aan de man die zojuist aan de dood ontsnapt was.
Hij gaf me een knipoog.
‘It’s all part of the act, man.’

Tags, , , , , , , , , , , ,

Prachtnaam

Theaterbezoekers moesten jarenlang met het schaamrood op de kaken zeggen dat ze voorstellingen in ‘KAF’ gingen bekijken.
Maar de nieuwe directie heeft nu ook eindelijk beseft dat KAF de meest fantasieloze naam ooit is.
Het schijnt dat de bedenker inmiddels per fiets verbannen is naar China. Een veel te milde straf, als je het mij vraagt.
De nieuwe naam is nu: Kunstlinie.
Dat klinkt ook niet echt gezellig, vind ik.
‘Ik ga vanavond naar de Kunstlinie’
‘Waar ligt dat?’
‘Ergens bij Waterloo, denk ik. Achter de gevechtslinie.’
Nee, Kunstlinie klinkt zo kil dat je tong bevriest bij het uitspreken.
Je zou toch verwachten dat de creatievelingen in die blokkendoos aan het Weerwater iets originelers kunnen bedenken.
De Roestbak in Haven was een leuke naam. En in onze hoofdstad, 30 kilometer verderop, weten ze er ook wel raad mee: Carré, Brakke Grond, Frascati, Paradiso, Rode Hoed.
Leuke namen, soms vernoemd naar een persoon, zoals DeLaMar.
‘Kan niet’, zeggen ze in Almere. ‘Want de Kunstlinie is méér dan alleen een theater,’
Onzin. In Lelijkstad hebben ze hun kunstencentrum ‘Agora’ genoemd.
Mooi toch?
Waarom kiest Almere niet voor een naam met warmte en historie?
Het Purvis Theater.
Prachtnaam!

Tags, , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Bekentenissen van een kabelsleper (6)

Een bomvol Carré…

Ik weet nog heel goed dat ik mezelf er toe moest zetten. Maar ik raapte mijn moed bij elkaar en dééd het. Met bonkend hart. Gedreven door de gedachte dat ik ooit tegen mijn kinderen zou kunnen zeggen dat ik solo voor een bomvol theater Carré had gestaan.
Ik was 22, had nog geen relatie met mijn huidige vrouw en dácht nog niet eens aan kinderen. Maar toch… ik deed het voor mijn kinderen.

Aanvallen van uitersten
Het was 1983 en de VPRO had tijdens het Holland Festival een aantal zondagen Carré afgehuurd voor een cultureel programma onder de titel ‘Aanvallen van uitersten’.
Nou… uitersten waren het. Sommige optredens waren zo volslagen maf dat geen hond er iets van begreep. Zo liet kunstenaar Harrie de Kroon een knikker op het podium vallen. Bijzonder… Bij een ander optreden liet kunstenares Wencke Mühleisen haar rood geverfde geslachtsdeel aan het publiek zien. Net zo lang tot het publiek haar begon uit te joelen. De diepere betekenis van deze act ontging werkelijk iedereen en de VPRO besloot de scène uiteindelijk maar niet uit te zenden. De dirigent van het NOS Omroeporkest beende woedend het toneel af na een maffe versie van een Wagner-aria van Moniek Toebosch in haar blote billen.

Gratis naar binnen
De voorstellingen waren zo idioot wereldvreemd dat er nauwelijks publieke belangstelling voor was. De VPRO besloot daarom de mensen dan maar gratis naar binnen te laten. Een leeg Carré doet het immers op tv niet zo goed. De actie had resultaat. Voor veel mensen was het dé kans om Carré een keertje van binnen te zien.
Het was tien minuten voordat de voorstelling begon. Ik stond bij de mobiele camera. De cameraman was even een kleine boodschap doen. Tussen mij en het bomvolle theater hing slechts het rode toneeldoek.

Doet ‘ie het doet ‘ie het niet?
Ik twijfelde: zal ik het doen of zal ik het niet doen? Toen dacht ik aan mijn virtuele kinderen, schoof het rode doek opzij en stond in mijn uppie op het toneel van een bomvol Carré. Zo hadden de groten der aarde hier ook gestaan: Sammy Davis jr. , Michael Jackson, Toon Hermans, André van Duin, Herman van Veen, Freek de Jonge, Snip & Snap…
Ondanks mijn trillende ledematen had ik de moed om enige tijd te blijven staan en de zaal in mij op te nemen. Een paar grapjassen, ergens bovenin het theater, begonnen te applaudisseren.
Toen durfde ik niet langer te blijven staan. Ik dook weer weg achter het grote gordijn en vertel nu aan mijn kinderen – meestal na een paar borreltjes – dat hun vader solo voor een bomvol Carré heeft gestaan.
“Nee pap, niet wéér dat verhaal…”, zuchten ze dan…

Marco Borsato stond ook voor een vol Carré (Foto: Kippa)

Tags, , , , , , , , , , , , ,

Bekentenissen van een kabelsleper (4)

Deel 4: De zolder van Carré

Het waren drie zware dagen geweest in Carré. Als camera-assistenten moesten we niet alleen de zware camera-boxen naar de nok van het Amsterdamse theater tillen, we moesten ook de kabels van de camera’s over de zolder van het gebouw uitrollen. Althans, over het raster van houten balken die de vloer vormden. Tussen die balken lagen dunne vliestegels waar je dwars doorheen kon kijken en die tevens het plafond van de theaterzaal vormden. Eén misstap en ik zou dwars door die tegels heen vallen, tientallen meters naar beneden.
Geen klusje voor mensen met hoogtevrees, dus. Als ik naar boven keek kon ik het vierkante Carré-logo op de nok van het dak, bijna aanraken – zo leek het. Dat voel je in maagstreek.

Het opbouwen deden wij kabelslepers daarom zorgvuldig. Balancerend op de balken hielden steeds twee kabelslepers in evenwicht door elkaar bij de armen vast te pakken. In die tijd zullen er ongetwijfeld ook veiligheidsmaatregelen geweest zijn, maar kennelijk niet zo streng. De camera-assistenten kenden elkaar goed. We waren jong, het was gezellig en we deden het werk dat ons was opgedragen zonder ons vast te gespen aan een veiligheidskabel of zo.De repetities en uiteindelijke live-uitzending duurden in totaal drie dagen. Zondagavond rond 23.00 uur waren de camera’s weer ingepakt en opgeborgen in de grote NOS-vrachtwagens (die overigens ‘treinen’ werden genoemd) en was het tijd om in de artiestenfoyer uit te puffen met een glas bier.

Biertjes
Na live-uitzendingen was er altijd een bijzondere uitgelaten stemming bij de medewerkers. Live-tv bracht een bepaalde spanning met zich mee.
Het werden twee biertjes, vier biertjes, zes biertjes. Tot de opnameleider – die niet meedronk – contstateerde dat de camera’s weliswaar keurig waren ingepakt, maar dat de bijbehorende kabels nog op de hoge zolder lagen.
We moesten dus opnieuw over de balken balanceren, maar nu met de nodige alcohol in ons lichaam.

Bang
Ik was nog nooit zo bang en onzeker geweest. We liepen niet meer over de balken, we krópen. Op handen en knieën – af en toe een blik naar beneden werpend, waar in de diepte het podium van de theaterzaal te zien was.
Ik weet het niet meer zeker, maar volgens mij heb ik een collega zien huilen toen de klus écht geklaard was en we weer veilig in de foyer terugkeerden en van schrik nóg een biertje namen.

Elke keer als ik nu nog Carré binnenloop kijk ik even omhoog, naar dat plafond.
Kijk zelf de volgende keer zelf maar even omhoog als je op de parterre van het Koninklijk theater bent. En voel dan je maagstreek….

Tags, , , , , ,